|
Op deze pagina vindt u enkele van de meeste gestelde vragen over parels in het algemeen en over zoetwaterparels in het bijzonder
|
|
Wat moet ik me voorstellen bij ‘zoet’waterparels? De meeste mensen weten wel dat parels uit oesters komen; schelpdieren die in zee leven. Je zou de parels uit oesters dus zoutwaterparels kunnen noemen. Er zijn echter ook parels die uit mosselen komen en omdat die in meren en rivieren leven, worden hun parels zoetwaterparels genoemd.
Zijn zoetwaterparels cultivé? Ja, ‘cultivé’ betekent ‘gekweekt’ en tegenwoordig worden alle parels gekweekt, dus ook die uit zoet water.
Zijn er nog meer verschillen tussen zoet-; en zoutwaterparels? Jazeker! Er zijn diverse verschillen waarvan wij hier de voornaamste twee zullen aanstippen. Ten eerste is er een verschil in prijs. Algemeen gesteld, zijn zoetwaterparels veel vriendelijker geprijsd dan hun zoute zusjes. Dit komt enerzijds doordat de kweekmethode aanzienlijk goedkoper is, anderzijds doordat een oester in de oogstperiode 1, hooguit 2 parels kan aanmaken. Voor de mossel geldt dat die in dezelfde periode wel 20 - 60 parels kan produceren! Ten tweede is er een verschil in samenstelling. Zoetwaterparels bestaan geheel uit paarlemoer, terwijl hun zoute zusjes bestaan uit een ronde kalkbol met daaromheen een laagje paarlemoer, dat vaak niet dikker is dan een halve millimeter. Hoe ontstaan zoetwaterparels dan? Zoetwaterparels ontstaan in mossels, die in meren worden gekweekt. Het kweken van de meeste zoetwaterparels geschiedt door gebruikmaking van een weefselimplantaat. Dit weefsel is afkomstig van een andere mossel dan die welke de parel gaat produceren, en bestaat uit een stukje epitheelweefsel, dat uit de wijde vlezige mantel van de mossel wordt gehaald. Deze epitheelcellen hebben als natuurlijke functie, de productie van paarlemoer. Zodra het stukje epitheelweefsel van de vreemde mossel in een incisie in de mantel van de andere mossel is aangebracht, begint deze laatste mossel met het inkapselen van dat vreemde stukje weefsel. Als dat inkapselen is voltooid, bevindt het weefsel zich dus in een soort zakje waarin de parel zal worden gevormd; het parelzakje. Daarna, begint dit parelzakje een laagje conchioline (een soort brandzalf, die tevens dienst doet als metselspecie voor de laagjes aragoniet) af te zetten en vervolgens een laagje aragoniet (een kristalvorm van calciumcarbonaat). Dan weer een laagje conchioline en een laagje aragoniet-kristallen en zo voort en zo verder. Aldus vormt zich om het geďmplanteerde stukje epitheelweefsel een parel. En een parel bestaat dus geheel uit laagjes van conchioline met aragonietkristallen. Gedurende het proces van inkapselen verteert het oorspronkelijke stukje epitheelweefsel meestal, vandaar dat men ook wel eens van 'kernloze' zoetwaterparels spreekt. Dit in tegenstelling tot gekweekte zoutwaterparels, die een laagje paarlemoer aanbrengen om een kern heen. Dit laagje is slechts enkele tienden van millimeters tot één ŕ twee millimeter dik. Sommige mensen beweren dan ook dat zoetwaterparels een diepere glans, ofwel 'luster' vertonen en een groter 'prismatisch effect' sorteren dan zoutwaterparels.
Ik meende dat oesterparels een zandkorreltje als kern hebben Dat verhaal is niet helemaal waar. Oesters leven dikwijls op de bodem van de zee die vaak erg zanderig is. Door stroming van het water gaan er per uur wel duizenden korreltjes zand door een oester heen, die daar helemaal geen last van heeft en er beslist geen parels door gaat maken. We zouden in de parels omkomen bij wijze van spreken, als het wel waar zou zijn. Wat er dient te gebeuren is dat, bij het binnendringen van een voorwerp in de oester, daarbij het epitheelweefsel (zeg maar: de huid) van het schelpdier wordt beschadigd. Want dan gaat het beschadigde huiddeel zich om de binnendringer heen delen, kapselt het in en vormt zo de ‘parelzak’ waarbinnen het paarlemoer wordt afgezet.
Waarom zijn zoetwaterparels zo vaak zo grillig gevormd? Dat heeft enerzijds te maken met het verschil in samenstelling waarover we zojuist spraken. Omdat er bij zoutwaterparels, in de oester een mooie bol kalk, met een diameter van ongeveer 7 mm., wordt ingebracht, heeft die oester dus een prachtige mal als voorbeeld, waaromheen het paarlemoer kan worden afgezet. Omdat de zoetwatermossel al parels gaat aanmaken bij het inbrengen van een stukje weefselvreemd epitheel, dus zonder dat er een voorwerp van kalk wordt ingebracht, ontbeert die zo’n mooie mal. En waarom zou het beestje uit zichzelf een mooie ronde parel gaan maken? Het gebeurt wel, maar veel zeldzamer. Anderzijds komen bij het verteren van het ingebrachte stukje epitheelweefsel gassen vrij, die proberen te ontsnappen, waardoor er drukverschillen in de parelzak ontstaan die ook voor vervormingen kunnen zorgen. Mooie ronde zoetwaterparels zijn er dus wel degelijk al zijn ze niet zo vriendelijk geprijsd dan de grillige ‘barok’ parels omdat die laatste dus veel vaker voorkomen.
Maar hoe zit het dan met ongekweekte parels? Ongekweekte parels, die ook wel ‘wilde’ of ‘natuurlijke (habitat)’ parels worden genoemd, hebben, evenals gekweekte zoetwaterparels, heel vaak een grillige vorm. Zoals we hiervoor reeds vermeldden, gaat een oester een parel aanmaken als een binnendringer de huid beschadigt. Deze binnendringer is in de natuurlijke habitat van de oester meestal een krabbetje; een worm of een stukje zeewier of iets dergelijks. Omdat tijdens het proces van aanmaken van de parel, zo’n organische binnendringer dikwijls geheel vergaat (in ontbindingsgassen opgaat), heeft de natuurlijke parel dus ook vaak geen kern (meer), net als de gekweekte zoetwaterparel. Daarom lijken die twee soorten parels zo veel op elkaar, dat laboratoriumonderzoek nodig is om het verschil te kunnen vaststellen!
Waar komen de parels vandaan? Zoetwaterparels worden gekweekt in de werelddelen op het Noordelijk halfrond en zoutwaterexemplaren in die op het Zuidelijk halfrond. De belangrijkste landen waar zoetwaterparels worden gekweekt zijn: China; Japan en Amerika De belangrijkste landen waar zoutwaterparels worden gekweekt zijn: De Polynesische eilanden (Thailand; Frans-Polynesië); Australië; Nieuw-Zeeland, Indonesië en Japan.
Worden in Japan dan zowel zoet-; als zoutwaterparels gekweekt? Ja, Japan is het land waar men het kweken van echte ‘vrije’ parels heeft ontdekt en geoptimaliseerd. Een zeker meneer Mikimoto is daarmee begonnen, zo rond 1913. De gekweekte Japanse zoutwaterparels worden ‘Akoya’ parels genoemd. Zoetwaterparels werden in Japan gekweekt in het Biwa-meer, bij Kyoto, de zogenoemde Biwa-parels. Nu is dat meer te vervuild geraakt om er nog parels te kunnen kweken. Japan kweekt sinds kort weer zoetwaterparels in het Kasumigaura-meer bij Tokyo; de zogenoemde Kasumiga-parels.
Wat zijn ‘vrije’ parels? Zijn er dan ook ‘onvrije’? Vrije parels, zijn parels die los in het weke gedeelte van een weekdier voorkomen. In tegenstelling daarmee zijn er inderdaad ‘onvrije’ parels, die als het ware vastgeplakt aan de harde wand van het schelpdier voorkomen; ze worden ‘Blister pearls (Blaarparels)’ genoemd.
Hoe komt het dat parels tegenwoordig zoveel kleuren hebben? Worden ze geverfd? De vele kleuren bij zoetwaterparels zijn deels echt of natuurlijk (de zachtere tinten, zoals Zalmkleurig; Roze en Wit) deels door middel van straling (Laser en/of Gammastraling) beďnvloed (de wat hardere donkere kleuren, zoals bruin; blauw; blauwzwart; goudkleurig; (brons)groen e.d.) en deels geverfd (de lichtere onnatuurlijk aandoende kleuren zoals fel lichtblauw e.d.). Van de niet geverfde parels zijn de kleuren dus door- en-door; het kan er niet afslijten. Van de geverfde parels kan het er wel degelijk afslijten.
Wat zijn ‘Majorica’ parels? Majoricaparels zijn geen echte parels. Wij noemen het een goede kwaliteit imitatieparels. Omdat het voor leken soms niet gemakkelijk is om echte van imitatieparels te onderscheiden, bieden wij op beurzen aan, om mensen te leren dat onderscheid te maken via de ‘tandentest’.
Hoe weet ik of een parel echt is / Wat is de ‘tandentest’? De tandentest bestaat uit het lichtjes met een parel langs de onderzijde tegen de snijtand strijken. Voelt dit wat stroevig; zanderig aan (een ‘JIF-effect’ als het ware), dan heeft u met een echte parel te maken; voelt het geheel glad aan dan is het een imitatie.
Wat moet je doen om parels mooi te houden? De meeste mensen weten wel dat parels niet goed tegen parfum; of haarlak bestand zijn. In feite zijn alle zuren uit den boze, omdat paarlemoer een kalkverbinding is en kalk kan niet tegen zuur! Dus alles wat uit een spraybus komt is een kwalijke zaak voor parels en u doet er dus het beste aan om eerst alles aan make-up op te brengen, dit ongeveer vijftien minuten te laten ‘intrekken’ en pas dan uw parelsieraden om te doen. Wat niet iedereen weet is dat ook zweet nadelig is voor de glans. Mocht u dus op een zomerse dag een fikse wandeling maken en daarbij zweten, neemt u dan bij thuiskomst even uw parels af met een in lauwwarm water gedrenkt en uitgewrongen katoenen doekje. Ook vaak niet zo bekend is dat parels van de buitenlucht houden! Ze hebben namelijk een klein beetje vocht nodig en buitenlucht heeft dat in toereikende mate. Wat u dus niet moet doen is uw parels bewaren in een kluis! Of, wanneer het niet anders kan: zet er in de kluis een kommetje water bij of leg ze op een vochtig gemaakt doekje, dat u regelmatig opnieuw bevochtigt. Neemt u deze voorzorgsmaatregelen in acht dan kunt u er van opaan dat de glans van uw parels steeds net zo mooi blijft als bij aankoop!
Heeft u een vraag die niet op deze pagina wordt beantwoord? Als u een of meer vragen heeft die hierboven niet worden beantwoord, schroom dan niet en leg ze ons voor. Wij zullen ons best doen om ze zo goed mogelijk te beantwoorden. Uw vraag kunt u stellen door hier te klikken.
|